De arrestatie

De arrestatie

21 augustus 1943

Ik had een paar dagen vrij en zou die doorbrengen bij vader, hij woonde in pension Klok op de Prinsengracht. De pensionhoudster was zich niet bewust dat vader een jood was, en vertelde mij later dat zij dacht dat hij een ondergedoken officier was. Vader werkte op kantoor bij het makelaarskantoor Steenbergen in de Chassestraat in Amsterdam. De heer Steenbergen was op de hoogte van de werkelijke toestand, als ook Cor, die mij later met toestemming van de heer Steenbergen heeft aangenomen om op kantoor te werken. Vader leefde onder de naam Garrels, en had het persoonsbewijs van de heer Garrels, met verandering van foto via de illegaliteit gekregen. Moeder en haar twee schoonzusters hadden twee kamers met gebruik van keuken en badkamer in de  Cornelis Krusemanstraat nr. 71 van mevr. Grossouw gehuurd en haar niet ingelicht, wat logisch te begrijpen is.

Op de dag van de arrestatie was mevrouw Grossouw niet aanwezig, zij was uit logeren en heeft later vernomen wat er gebeurd is. Ik ben haar gaan bezoeken en zij heeft nog contact met de familie opgenomen in de Joodse Schouwburg. Na een gezellige en vertrouwelijke dag bij vader te hebben doorgebracht, zou ik 's avonds moeder van de trein halen op het Centraal Station. Moeder was enkele dagen naar haar dochter geweest, die ondergedoken was in Lemelerveld bij een oude schoolvriendin. Die was inmiddels getrouwd en had twee kleine kindertjes. Moeder wilde 18 augustus daar zijn op de verjaardag van haar dochter (grote) Wil, en hoopte daar te kunnen blijven. Daar bleek geen sprake van te zijn. Zij had een groot roggebrood en appels meegekregen en zo weer op de trein gezet, waarvan ze gelukkig veilig in Amsterdam Centraal aankwam. Ze was merkbaar teleurgesteld, maar blij mij te zien, we zijn veilig op tram lijn 16 gekomen die praktisch leeg was en konden daar met elkaar praten. Moeder heeft veel lieve, vertrouwelijke woorden gesproken en mij bedankt voor de steun en liefde, die ze van mij in de benarde tijden ondervonden had. Zij hield van mij, vertrouwde ze mij nog toe. Zij stapte uit de tram en na de weg overgestoken te zijn, liep zij het huis binnen. Ik ging terug naar vader. Daar aangekomen heb ik hem verteld dat moeder veilig op haar adres was aangekomen. In die tijd konden we niet veel praten, er was niet veel te praten. Wij waren stil van angst en vrees, iedere dag die voorbij ging was zeker, de volgende was het ongewisse. De volgende dag wandelden vader en ik naar de Cornelis Krusemanstraat om moeder en de tante's te bezoeken.

De arrestatie

Bij het binnenkomen vroeg vader meteen: ”Waar is Fietje?"Tante Mam antwoordde: ”Naar de bakker verse broodjes halen!” Ik moest mij inhouden om niet iets onbeleefds te zeggen. Het was overduidelijk dat Moeder, tante Mam en tante Fie van Joodse origine waren. Hoe kon tante Fie de straat opgaan en dan nog wel om verse broodjes te kopen of er niets aan de hand was. Tante Mam zei nog:”Maar de mensen kennen haar hier niet”. Later begreep ik dat ze niet konden zien van zichzelf dat ze joods van uiterlijk waren. Intussen pakte Moeder haar meegebrachte roggebrood en appels uit.

Vader nam gelukkig het woord, nog niet bekomen van mijn verbijstering over het gebeurde zat ik uit het raam te staren… Dat duurde niet lang want daar kwam tante Fietje aan, gevolgd door twee mannen in burger met de fiets aan de hand. ”Paps smeer hem”, riep ik uit, ”ze is met twee rechercheurs”. Vader had de zojuist van Moeder gekregen appel, in zijn hand, zijn vingertoppen drongen in de appel, een groene appel! Waarheen, waarheen? Ga naar boven! Pap schiet op…maar het was al te laat. Tante Fie plus de twee jodenjagers stonden al boven aan de trap, voor de woning.

Radeloze angst…toen de ondervraging…papieren moesten getoond worden. Vader had een vervalst persoonsbewijs, hij leefde onder de naam van de vader van een vriendin van mij uit Amersfoort de heer Garrels. Mijn persoonsbewijs bracht ook weer moeilijkheden, wie was ik dan? Ja, J2, wie was ik? De namen klopten niet. Vader werd apart genomen door een van de rechercheurs in een aangrenzende kamer daar was het gauw bekeken, letterlijk. Vader was een Jood. De tantes en Moeder kregen de tijd om, onder de waakzame ogen van de jodenverraders, wat spullen te pakken. Vader had niets te pakken want hij woonde daar niet. Toen kwam het moment dat ik het niet meer aankon; ik raakte in razernij en greep één van die kerels aan zijn stropdas en trok die strak, zijn collega trok zijn pistool omdat ik niet losliet, Vader ging op zijn knieën en smeekte mij los te laten, het pistool werd op mijn slaap gedrukt, dankzij mijn Vader heb ik geen moord gepleegd.

Toen stuurde Vader mij naar de apotheek om ”Saridon" te kopen, voor de pijn in zijn rug. ”Zullen jullie op mij wachten tot ik terugkom?” snauwde ik die kerels toe, ”ja doe maar rustig aan”. Ik holde naar de apotheek en ja hoor toen ik terugkwam zaten ze al in de tram en kon ik nog net het doosje op het balkon van de tram gooien....... En toen,.........waren ze weg!

Na de arrestatie.

Daar stond ik dan .... totaal versuft, geen vader, geen moeder, geen tante's. Allerlei opdrachten van de tante's en van mijn moeder en natuurlijk van vader. Spullen die ze mij hadden gegeven lagen boven, in de Cornelus Krusemanstraat. Wat wisselgeld van de apotheek in mijn zak en nu moest ik naar de Prinsengracht. Ik vervloekte tramlijn 16, daar zaten ze toch in..... Dus ik ging lopen, de tranen biggelden over mijn wangen. Nu was ik echt alleen, zo alleen was ik nog nooit geweest. Ik liep maar door en door, en toen was ik er, en dan, dan moet je flink zijn. Dan hoor je zeggen: "flinke meid zijn, het komt wel goed." Vader had gezegd, kijk onder het vloerkleed en kijk hier en daar, maar ja, er was al iemand voor geweest, die wist het waarschijnlijk ook. Vader had getelefoneerd voordat ik aankwam en vertrouwde die persoon die hij sprak. er lag niets, nergens meer. Ik ging op vader's bed liggen, het electrisch kussentje voor zijn zere rug stond nog aan, en huilde en huilde. De bewuste persoon kwam mij troosten met een glaasje jenever, o wat vond ik dat vies, gelukkig maar.....


Zondag ben ik naar de Joodse Schouwburg gegaan. Daar heeft iemand vader geroepen, even later mocht moeder ook in de hal komen. Vader was ijzig kalm, maar Moeder kon alleen maar mijn naam huilend uitbrengen, daarom werd zij door iemand ruw naar binnen getrokken. Vader en ik stonden daar helemaal alleen, wij verstopten ons in een hangkast en hebben daar wat onbeduidende woorden gesproken en toen moest ik gaan, ”dag Pap” voor altijd….

Baps van Westen Willing overledem
2015-05-08
Hubertha Bernardina (Baps) van Westen Willing is op 8 mei 2015 in Duncan, British Columbia, Canada overleden....
lees verder
Kees van Westen overleden
2011-02-28
Kees van Westen overleden in Panama. Februari 2011...
lees verder
Tentoonstelling:"Getrouw aan hun geloof"
2009-03-31
Tentoonstelling:"Getrouw aan hun geloof"...
lees verder
Holocaust Memorial Day
2009-02-04
Brieven uit Westerbork...
lees verder
Wim Vierra
2008-06-27
Ter nagedachtenis...
lees verder
(c) 2006-2017, wiillemwilling.nl. Alle rechten voorbehouden.